Randen voor objecten definiëren

In Writer kunt u randen rond OLE-objecten, invoegtoepassingen, diagrammen/grafieken, afbeeldingen en frames definiëren. De naam van het menu dat gebruikt moet worden, is afhankelijk van het geselecteerde object.

Een vooraf gedefinieerde randstijl instellen

  1. Selecteer het object waarvoor u een rand wilt definiëren.

  2. Klik op het pictogram Randen op de werkbalk OLE Object of de werkbalk Frame om een palet met Randen te openen.

  3. Klik op één van de vooraf gedefinieerde randstijlen. Zo wordt de huidige randstijl van het object door de geselecteerde stijl vervangen.

Een aangepaste randstijl instellen

  1. Selecteer het object waarvoor u een rand wenst te definiëren.

  2. Kies Opmaak - Frame en OLE-object – Eigenschappen – tabblad Randen.
    Vervang (objectnaam) door de echte naam van het objecttype dat u selecteerde.

  3. Selecteer in het gedeelte Gebruikergedefinieerd de rand(en) die u in een algemene indeling wilt laten verschijnen. Klik in het voorbeeldvenster op een rand om de selectie van een rand te wijzigen.

  4. Selecteer een lijnstijl, dikte en kleur voor de geselecteerde randstijl in het gedeelte Lijn. Deze instellingen zijn van toepassing op alle randlijnen die in de geselecteerde randstijl zijn opgenomen.

  5. Herhaal de laatste twee stappen voor elke rand.

  6. Selecteer de afstand tussen de randlijnen en de inhoud in het gedeelte Afstand.

  7. Klik op OK om de wijzigingen toe te passen.

Help ons, alstublieft!

Help ons, alstublieft!