LibreOffice 26.2 Help
Hier stelt u de eigenschappen van een verbinding in.
Kies hier het gewenste type. U kunt kiezen uit vier types: Verbinding (standaard), Lijnverbinding, Directe verbinding en Gebogen verbinding.
Gebruik de waardevakken om het lijnverschuiving in te stellen. Het voorbeeldvenster zal de veranderingen die u heeft gemaakt weergeven.
Gebruik deze keuzelijst met invoervak om de gewenste lijnverschuiving voor Lijn 1 te definiëren.
Gebruik deze keuzelijst met invoervak om de gewenste lijnverschuiving voor Lijn 2 te definiëren.
Gebruik deze keuzelijst met invoervak om de gewenste lijnverschuiving voor Lijn 3 te definiëren.
Definieert de interlinie van de verbindingen.
Definieer de lengte van het horizontale lijnstuk bij het begin van de verbinding.
Definieer de lengte van het verticale lijnstuk bij bij het begin van de verbinding.
Definieer de lengte het horizontale lijnstuk aan het eind van de verbinding.
Definieer de lengte van het verticale lijnstuk aan het eind van de verbinding.
Stelt de waardes voor de lijnverschuiving terug naar de standaard. (Deze opdracht is alleen toegankelijk via de contextmenu).