LibreOffice 26.2 Help
Een afbeelding kan worden ingevoegd in LibreOffice Writer-, LibreOffice Calc-, LibreOffice Draw- en LibreOffice Impress-documenten.
Kies Invoegen - Afbeelding.
Selecteer het bestand. In de keuzelijst Bestandstype kunt u de selectie beperken tot bepaalde bestandstypes.
Schakel het keuzevakje Koppelen in als u een koppeling naar het originele bestand wilt maken.
Als het keuzevakje Koppelen is ingeschakeld, wordt de afbeelding opnieuw geladen als het document wordt bijgewerkt en geladen. De bewerkingen die u in de lokale kopie van de afbeelding in het document hebt uitgevoerd, worden opnieuw toegepast waarna de afbeelding wordt weergegeven.
Als het keuzevakje Koppelen niet is ingeschakeld, werkt u altijd met een kopie van de afbeelding die is gemaakt tijdens het invoegen.
Als u afbeeldingen wilt insluiten die eerder als koppelingen zijn ingevoegd, kiest u Bewerken - Externe koppelingen en klikt u in het dialoogvenster Koppelingen bewerken op de knop Koppeling verbreken.
Klik op Openen om de afbeelding in te voegen.
Wanneer u de afbeelding selecteert, biedt de werkbalk Afbeelding u hulpmiddelen voor het bewerken van de afbeelding. Alleen een lokale kopie wordt bewerkt in het document, of u de afbeelding nu met een koppeling hebt ingevoegd of niet.
De weergave van de werkbalk Afbeelding verschilt per module.
Een aantal filters bevinden zich op de werkbalk Afbeeldingsfilter, die u kunt openen met het pictogram op de werkbalk Afbeelding.
De oorspronkelijke afbeelding wordt niet gewijzigd door de filters. Filters worden alleen toegepast op een afbeelding binnen het document.
Sommige filters openen een dialoogvenster dat u kunt gebruiken om, bijvoorbeeld, de intensiteit van het filter te selecteren. De meeste filters kunnen meerdere malen worden toegepast om het filter-effect te vergroten.
In LibreOffice Draw en LibreOffice Impress kunt u tekst en afbeeldingen toevoegen, deze objecten samen met de afbeelding selecteren en de selectie als een nieuwe afbeelding exporteren.
Klik met rechts op de afbeelding en kies Eigenschappen in het contextmenu om een dialoogvenster met eigenschappen te openen.
Wijzig de eigenschappen van de geselecteerde afbeelding, klik vervolgens op OK.
Als u wilt opslaan in een indeling zoals GIF, JPEG of TIFF, moet u de afbeelding selecteren en exporteren.
Een afbeelding exporteren in Draw of Impress:
Selecteer de afbeelding. U kunt aanvullende objecten selecteren (zoals tekst) die samen met de afbeelding worden geselecteerd door Shift ingedrukt te houden terwijl u een selectiekader rond alle objecten selecteert of opent.
Kies Bestand - Exporteren. Het dialoogvenster Exporteren verschijnt.
De opdracht Exporteren schrijft de afbeelding met alle toepaste filter-effecten naar een bestand. De opdracht Opslaan in het contextmenu slaat de afbeelding op zonder filter-effecten, als de afbeelding werd ingevoegd als een gekoppelde afbeelding. Een ingesloten afbeelding zal altijd worden opgeslagen of geƫxporteerd met de toegepaste filters.
In het veld Bestandsindeling selecteert u de gewenste bestandsindeling, zoals GIF of JPEG.
Als u alleen de geselecteerde objecten wilt exporteren, schakelt u het keuzevakje Selectie in.
Als Selectie niet is ingeschakeld, wordt de hele pagina van het document geƫxporteerd.
Voer een naam voor het bestand in en klik op Exporteren.
Een afbeelding exporteren vanuit Writer: Klik met rechts op de afbeelding en kies Opslaan. U ziet het dialoogvenster Afbeeldingen opslaan. Voer een bestandsnaam in en selecteer een bestandstype.