Kies de gewenste map in de keuzelijst of typ het padnaam. De functie AutoAanvullen kan worden gebruikt om het typen te vergemakkelijken.
Met een server verbinden met het dialoogvenster Bestandservices. Selecteer een bovenliggende map in de mapstructuur met het pictogram Bovenliggende map.
Pictogram Bovenliggende map
Voeg een submap toe aan de huidige map met het pictogram Nieuwe map.
Nieuwe map
Bestandsnaam
Voer een bestandsnaam of een pad voor het bestand in. U kunt ook een URL invoeren.
Bestandstype
Selecteer de bestandsindeling voor het document dat u opslaat. In het weergavegebied worden alleen de documenten met dit bestandstype weergegeven. Bestandstypes worden in Informatie over import- en exportfilters beschreven.
Stijl
Selecteer het frame-opmaakprofiel voor de afbeelding.
Anker
Selecteer het ankertype voor de afbeelding op de huidige celpositie.
Koppelen
Voegt het geselecteerde afbeeldingsbestand als een koppeling in.
Voorbeeld
Geeft een voorbeeld van het geselecteerde afbeeldingsbestand.