Diagramtype Koersdiagram

Op de eerste pagina van de Assistent Diagram kunt u een diagramtype kiezen.

Om toegang te krijgen tot deze functie..

Kies Invoegen - Diagram...

Icon

Diagram invoegen.


Koersdiagram

Een koersdiagram toont het beursverloop door middel van openingskoers, laagste waarde, hoogste waarde en de slotkoers. Het aantal transacties kan ook worden weergegeven.

Voor een koersdiagram is de volgorde van de gegevensreeksen belangrijk. De gegevens moeten gerangschikt worden zoals in het onderstaande voorbeeld is aangegeven.

A

B

C

D

E

F

1

Aantal transacties

Openingskoers

Laag (laagste waarde)

Hoog (Hoogste waarde)

Slotkoers

2

Maandag

2500

20

15

25

17

3

Dinsdag

3500

32

22

37

30

4

Woensdag

1000

15

15

17

17

5

Donderdag

2200

40

30

47

35

6

Vrijdag

4600

27

20

32

31


De waarden opening, laag, hoog en slot van een rij maken gezamenlijk één gegevenseenheid in het diagram. Een gegevensreeks met beurskoersen bestaat uit diverse rijen die dergelijke gegevenseenheden bevatten. De kolom die het aantal transacties bevat maakt een optionele tweede gegevensreeks.

Afhankelijk van de gekozen variant heeft u niet alle kolommen nodig.

Koersdiagram varianten

Kies het type Koersdiagram op de eerste pagina van de Assistent Diagram. Selecteer vervolgens één van de vier varianten.

Type 1

Gebaseerd op kolom laag en hoog toont het Type 1 het verschil tussen de laagste waarde (laag) en de hoogste waarde (hoog) door een verticale lijn.

Gebaseerd op laag, hoog, en laag toont Type 1 een extra horizontaal merkteken voor de slotkoers.

Type 2

Gebaseerd op opening, laag, hoog en slot maakt koersdiagram Type 2 het traditionele "kandelaar" diagram. Type 2 tekent de verticale lijn tussen de laagste en de hoogste waarde en voegt daarvóór een rechthoek toe, die het bereik tussen de openings- en slotkoers weergeeft. Als u op de verticale lijn klikt, ziet u meer informatie op de statusbalk. LibreOffice gebruikt verschillende vulkleuren voor stijgende waarden (de openingskoers is lager dan de slotkoers) en dalende waarden.

Type 3

Gebaseerd op omvang, laag, hoog, en sluiting tekent kolomdiagram Type 3 een diagram Type 1 met toegevoegde kolommen voor de transactie-omvang.

Type 4

Gebaseerd op alle vijf gegevenskolommen aantal, opening, laag, hoog en slot, combineert Type 4 een diagram van Type 2 met een kolomdiagram voor het aantal transacties.

Omdat het aantal transacties kan worden gemeten in "eenheden", wordt een tweede Y-as geïntroduceerd in de diagrammen Type 3 en Type 4. De prijs-as wordt aan de rechterkant getoond en de aantal-as aan de linkerkant.

Instellen van de gegevensbron

Diagrammen gebaseerd op zijn eigen gegevens

Kies Tabel Diagramgegevens in het menu Beeld of in het contextmenu van het diagram in bewerkingsmodus om gegevensreeksen van een diagram te wijzigen, dat zijn eigen gegevens heeft.

De gegevensreeksen van een gegevenstabel van een ingebed diagram worden altijd in kolommen weergegeven.

Gebruik voor een nieuw koersdiagram eerst een kolomdiagram. Voeg de kolommen toe die u nodig hebt en voer uw gegevens, in de volgorde zoals getoond in het voorbeeld, in, onder weglating van de kolommen die u in de gewenste variant niet nodig hebt. Gebruik Kolom wisselen om de kolomvolgorde te wijzigen. Sluit de tabel met diagramgegevens. Gebruik nu het dialoogvenster Diagramtype om de variant van het koersdiagram te wijzigen.

Als u al een koersdiagram heeft en u wilt de variant wijzigen, wijzig dan eerst het diagramtype naar een kolomdiagram, voeg kolommen toe of verwijder deze zo dat het past bij de variant en wijzig vervolgens het diagramtype terug naar een koersdiagram.

Zet de naam van een gegevensreeks niet in een rij. Zet die naam in het veld boven de namen van de kolommen.

De volgorde van de rijen bepaalt hoe de categorieën in het diagram worden weergegeven. Gebruik Rij wisselen om de volgorde te wijzigen.

Diagrammen gebaseerd op Calc- of Writertabellen

U kunt een gegevensreeks kiezen of veranderen op de tweede pagina van de Assistent Diagram of in het dialoogvenster Gegevensbereik. Gebruik voor de precieze instellingen het dialoogvenster Gegevensreeksen.

Gebruik één van de volgende manieren om een gegevensbereik te specificeren:

  1. Voer het gegevensbereik in het tekstvak in.

    In Calc zou een voorbeeld van een gegevensreeks kunnen zijn "$Blad1.$B$3:$B$14". Merk op dat een gegevensreeks uit meer dan één gebied mag bestaan, bijvoorbeeld "$Blad1.A1:A5;$Blad1.D1:D5" is ook een geldig gegevensbereik. In Writer kan een voorbeeld van een gegevensreeks bijvoorbeeld "Tabel1.A1:E4" zijn.

    Zolang de syntaxis niet juist is toont LibreOffice de tekst in rood.

  1. Klik in Calc op Selecteer gegevensbereik om het dialoogvenster te minimaliseren, selecteer vervolgens het gegevensbereik door te slepen. Klik weer op Selecteer gegevensbereik om een gegevensbereik toe te voegen. Klik, in het invoerveld van het geminimaliseerde dialoogvenster, na de ingevoerde items en type een puntkomma. Sleep dan om het volgende bereik te selecteren.

Klik op één van de opties voor gegevensreeksen in rijen of in kolommen.

Uw koersdiagram staat "in kolommen" als de informatie in een rij bij dezelfde "kaars" behoort.

Precies instellen van gegevensreeksen van op tabellen gebaseerde koersdiagrammen

U kunt gegevensreeksen beheren en de bron voor delen van enkele gegevensreeksen bewerken op de derde pagina van de Assistent Diagram of op de pagina Gegevensreeksen in het dialoogvenster Gegevensbereik.

Beheren van gegevensreeksen

In de sectie Gegevensreeksen aan de linkerzijde van het dialoogvenster, kunt u de gegevensreeksen van het actuele diagram beheren. Een koersdiagram heeft minstens één gegevensreeks die de prijzen bevat. Het kan een tweede gegevensreeks hebben voor het aantal transacties.

Als u meer dan één gegevenreeks met prijzen hebt, gebruik dan de pijlknoppen Omhoog en Omlaag om ze in de juiste volgorde te zetten. De volgorde bepaalt de schikking in het diagram. Doe hetzelfde voor gegevensreeksen voor het aantal. U kunt niet wisselen tussen de gegevensreeksen met koerswaarden en aantal.

Selecteer de gegevensreeks in de lijst om deze te verwijderen en klik op de knop Verwijderen.

Selecteer, om een gegevensreeks toe te voegen, één van de bestaande gegevensreeksen en klik op Toevoegen. U krijgt een leeg item onder het geselecteerde, dat hetzelfde type heeft. Als u geen gegevensreeksen met prijzen of gegevensreeksen met het aantal transacties hebt, moet u eerst een bereik voor deze reeksen selecteren in het dialoogvenster Gegevensbereik.

Instellen van gegevensbereiken

In het dialoogvenster Gegevensbereikens kunt u het gegevensbereik van elke component van de geselecteerde gegevensreeksen instellen of wijzigen.

In de bovenste keuzelijst u ziet u de celnamen van de componenten en de huidige waarden. Als u een naam geselecteerd hebt, kunt u de waarde wijzigen in het tekstvak onder de lijst. Het label toont de geselecteerde naam.

Voer het bereik in het tekstvak in of klik op het pictogram Selecteer gegevensbereik om het dialoogvenster te minimaliseren en selecteer het bereik met de muis.

Selecteer Openingskoersen, Slotkoersen, Hoogste waarden en Laagste waarden in een willekeurige volgorde. Specificeer alleen de bereiken voor de namen die u nodig heeft voor de gekozen variant van het koersdiagram. De bereiken moeten naast elkaar staan in de tabel.

Legenda

De legenda toont de labels van de eerste rij of kolom of van het speciale bereik dat u heeft ingesteld in het dialoogvenster Gegevensreeksen. Als uw diagram geen labels bevat, toont de legenda tekst als "Rij 1, Rij 2, ...", of "Kolom A, Kolom B, ...", overeenkomstig het rijnummer of de kolomletter van de diagramgegevens.

De legenda toont de waarde van het bereik, dat u hebt ingevoerd in het veld Naam voor Bereik in het dialoogvenster Gegevensbereiken. De standaardinvoer is de kolomkop van de slotkoerskolom.

Selecteer één van de opties voor de positie. Als het diagram gereed is kunt u andere posities opgeven met behulp van het menu Opmaak.

Help ons, alstublieft!