LibreLogo Toolbar

From LibreOffice Help
Jump to: navigation, search

LibreLogo is een eenvoudige, gelocaliseerde, Logo-achtige programmeeromgeving met turtle vector graphics om computergebruik te leren (programmeren en tekstverwerking), DTP en grafisch ontwerp. Zie http://www.numbertext.org/logo/librelogo.pdf.

Contents

LibreLogo werkbalk

De LibreLogo werkbalk (Beeld - Werkbalken - Logo) bevat 'turtle' bewegingen, mogelijkheid om het programma uit te voeren en te stoppen, alsook de mogelijkheid om terug te keren naar het startscherm en scherm leegmaken, een syntaxis markering/vertaling van pictogrammen en een invoegbalk (opdrachtregel).

Turtle-pictogrammen voor verplaatsing

Dit zijn equivalenten van de Logo-opdrachten "VOORUIT 10", "TERUG 10", "LINKS 15", "RECHTS 15". Door te klikken op een van de pictogrammen zal de 'turtle-vorm' zich ook richten en de pagina naar zijn positie scrollen.

Start het Logo-programma

Klik op het pictogram "uitvoeren" om de tekst van het Writer-document als een LibreLogo programma uit te voeren. In een leeg document zal een voorbeeld-programma worden ingevoegd en uitgevoerd.

Klik op het pictogram "Stop" om het programma te stoppen.

Home

Klik op het pictogram "Home" om de positie en de instellingen van de turtle te herstellen.

Scherm leegmaken

Klik op het pictogram "Scherm wissen" om de tekenobjecten uit het document te verwijderen.

Programma bewerker/Syntaxis markeren/Vertalen

Het pictogram toverstaf stelt de lay-out op de 2 pagina's in voor het bewerken van het programma, breidt de Logo commando's uit en zet de Logo commando's in kleine letters om naar hoofdletters in het Writer document. Wijzig de taal van het document (Extra» Opties » Taalinstellingen» Talen » Westers en klik op dit pictogram om het Logo programma te vertalen naar de geselecteerde taal.

Opdrachtregel

Druk op Enter in de opdrachtregel om de inhoud uit te voeren. Om het programma te stoppen gebruikt u het pictogram "Stop".

Houd de toets ENTER ingedrukt om de opdrachtregel te herhalen, bijvoorbeeld met de volgende reeks opdrachten:

VOORUIT 200 LINKS 89

Om de opdrachtregel te resetten klik er drie keer in of druk op Ctrl-A om de huidige opdrachten te selecteren en de nieuwe commando's in te typen.

Grafische gebruikersinterface van de fundamentele turtle-instellingen

Turtle van LibreLogo is een normaal tekenobject met vaste grootte. U kunt op de standaard manier positioneren en draaien, met behulp van de muis en het met pictogram Roteren op de werkbalk Eigenschappen van het tekenobject . Wijzig de Lijndikte, Lijn Kleur en Vlakkleurinstellingen van de Turtle vorm, om de Pengroote- Penkleur- en Vulkleur-attributen van LibreLogo in te stellen.

Programma bewerken

LibreLogo tekeningen en programma's maken gebruik van hetzelfde Writer-document. Het LibreLogo stramien is op de eerste pagina van het Writer-document. U kunt een pagina-einde invoegen voor de LibreLogo programma's en de zoom/lettergrootte instellen voor een comfortabele twee pagina-indeling voor LibreLogo programmering: links (eerste) pagina is het stramien, rechts (tweede) pagina is voor de LibreLogo programma bewerking.

LibreLogo programmeertaal

LibreLogo is een inheemse, gemakkelijk op taalinstellingen aanpasbaar, Logo-achtige programmeertaal. Het is terug-compatibel met de oudere Logo systemen, zoals bijvoorbeeld de eenvoudige Logo-programma's die werden gebruikt in het onderwijs.

VOOR driehoek:size
HERHAAL 3 [
VOORUIT:afmeting
LINKS 120
]
EINDE

driehoek 10 driehoek 100 driehoek 200

Verschilt van de Logo programmeertaal

  • Lijstleden zijn door komma's gescheiden: POSITIE [0, 0]
  • Programma blokken en lijsten zijn verschillend
    • Programmablokken hebben een spatie of een nieuwe regel nodig bij tussen haakjes zetten: HERHAAL 10 [ VOORUIT 10 LINKS 36 ]
  • Lijsten moeten aangesloten teksthaken hebben: POSITIE [0, 0], en niet POSITIE [0, 0 ]


  • 1-regel functie-verklaringen worden niet ondersteund (TOT en EINDE moeten op een nieuwe regel).

  • De dubbele punt is optioneel voor de namen van variabelen.

    Voor driehoek formaat
    HERHAAL 3 [ VOORWAARTS formaat LINKS 120 ]
    EINDE

  • String notatie ondersteunt ook orthografische en Python syntaxis.

    AFDRUKKEN "woord ; originele Logo syntaxis
    AFDRUKKEN “Willekeurige tekst.” ; orthografie, Writer
    AFDRUKKEN 'Willekeurige tekst.' ; Python syntaxis

  • Python lijst en tekenreeks behandeling

    AFDRUKKEN “tekst”[2] ; afdrukken “e”
    AFDRUKKEN “tekst”[1:3] ; afdrukken “ek”

  • Python-achtige VOOR lus
  • Python-achtige variabele verklaring:

    x = 15
    AFDRUKKEN x

  • Er zijn geen extra opvraag functies:

    AFDRUKKEN OPVULKLEUR
    p = POSITIE
    AFDRUKKEN p
    HERHAAL 10 [ POSITIE ELKE POSITIE p ]

  • Alternatieve teksthaken in functie-oproepen

    NAAR ster afmeting kleur
    OPVULKLEUR kleur
    HERHAAL 5 [ LINKS 72 VOORUIT afmeting RECHTS 144 VOORUIT afmeting ]
    VULLEN
    EINDE

    ster 100 “rood”
    ster (100, “groen”)
    ster(100, “blauw”)

LibreLogo opdrachten

Basis-syntaxis

Hoofdlettergevoeligheid

Opdrachten, kleur constanten zijn niet hoofdlettergevoelig:

AFDRUKKEN “Hallo, Wereld!”
afdrukken “Hallo, Wereld, opnieuw!”

Namen van variabelen zijn hoofdlettergevoelig.

a = 5
A = 7
AFDRUKKEN a
AFDRUKKEN A

Programmaregels

Regels van een LibreLogo programma zijn alinea's in het LibreOffice Writer-document. Een programmaregel kan meerdere opdrachten bevatten:

AFDRUKKEN “Hallo, Wereld!” AFDRUKKEN “LibreLogo”

Opmerkingen

Regels of delen van regels zijn opmerkingen vanaf een puntkomma tot het einde van de regel (alinea):

; enkele opmerkingen
AFDRUKKEN 5 * 5 ; enkele opmerkingen

Splits programmaregels in meerdere alinea's op

Het is mogelijk om een programma regel in meer alinea's af te breken door het tilde-teken aan het einde van de regel te plaatsen:

AFDRUKKEN “Dit is een erg lang ” + ~
“waarschuwingsbericht”

Turtle bewegingen

VOORUIT (vu)

VOORUIT 10 ; ga vooruit 10pt (1pt = 1/72 inch)
VOORUIT 10pt ; als boven
VOORUIT 0.5in ; ga vooruit 0.5 inch (1 inch = 2.54 cm)
VOORUIT 1" ; als boven
FD 1mm
FD 1cm

ACHTERUIT (au)

ACHTERUIT 10; ga achteruit 10pt

LINKS (li)

LINKS 90, draai 90 graden tegen de klok in
LINKS 90°, als hierboven
LT 3h, als hierboven (klok positie)
LT elke, draai naar een willekeurige positie

RECHTS (re)

RECHTS 90; draai 90 graden met de klok mee

PENOMHOOH (ph)

PENOMHOOG; turtle zal bewegen zonder te tekenen

PENOMLAAG (pl)

PENOMLAAG ; ´turtle´ zal bewegen en tekenen

POSITIE (pos)

POSITIE [0, 0], draai en verplaats naar de linker bovenhoek
POSITIE PAGINAGROOTTE; draai en verplaats naar de rechter benedenhoek
POSITIE [PAGINAGROOTTE[0], 0]; draai en verplaats naar de rechter bovenhoek
POSITIE ELKE ; draai en verplaats naar een willekeurige positie

RICHTING (rt)

RICHTING 0; draai naar het noorden
RICHTING 12h; zie boven
RICHTING [0,0]; draai naar de linkerboven hoek
RICHTING EENDER; draai in een eendere richting

Andere turtle opdrachten

VERBERG (vb)

VERBERG; verberg (tot de toon opdracht)

TOON (tn)

TOON; toon

THUIS

THUIS; Terugzetten van de oorspronkelijke turtle instellingen en positie

SCHERMLEEGMAKEN (s)

SCHERMLEEGMAKEN; verwijder tekenobjecten uit het document

INVULLEN en SLUITEN

VULLEN; sluiten en invullen van de actuele lijnvorm of punten
SLUITEN; sluit de actuele lijnvorm of verbindt de aanwezige punten

Voorbeeld: vullen van een gelijkbenige driehoek:

VOORUIT 50 LINKS 120 VOORUIT 50 VULLEN

Voorbeeld: tekenen van een gelijkbenige driehoek:

VOORUIT 50 LINKS 120 VOORUIT 50 SLUITEN

Pen instellingen

PENGROOTTE (pg)

PENGROOTTE 100 ; regelbreedte is 100 punten
PENGROOTTE ELKE; equivalent van PENGROOTTE WILLEKEURIG 10

PENKLEUR (pk)

PENKLEUR “rood” ; Stel de penkleur in op rood (d.m.v. kleurnaam, kijk bij kleurconstanten)
PENKLEUR [255, 255, 0] ; stel de penkleur in op geel (RGB lijst)
PENKLEUR 0xffff00 ; stel kleur geel in (hexa code)
PENKLEUR 0 ; stel zwart in (0x000000)
PENKLEUR ELKE ; willekeurige kleur
PENKLEUR [5] ; stel rood in (d.m.v. kleur-identificatie, kijk bij kleurconstanten)
PENKLEUR “onzichtbaar” ; onzichtbare penkleur voor vormen zonder zichtbare omlijning
PENKLEUR “~rood” ; stel een willekleurige kleur rood in

PENTRANSPARANTIE

PENTRANSPARANTIE 80 ; stelt de transparantie van de actuele penkleur in op 80%

PENEINDE/LIJNEINDE

PENEINDE “geen” ; zonder extra lijneinde (standaard)
PENEINDE “rond” ; afgeronde lijneinde
PENEINDE “vierkant” ; vierkante lijneinde

PENVERBINDING/LIJNVERBINDING

PENVERBINDING “afgerond” ; afgeronde lijnverbinding (standaard)
PENVERBINDING “snijdend” ; sherpe lijnverbinding
PENVERBINDING “afschuinen” ; afgeschuinde lijnverbinding
PENVERBINDING “geen” ; zonder lijnverbinding

PENSTIJL

PENSTIJL “ononderbroken” ; ononderbroken lijn (standaard)
PENSTIJL “gestippeld” ; stippellijn
PENSTIJL “gestreept” ; streepjeslijn

 ; gebruikergedefineerde streep-stiplijn gespecificeerd door de volgende lijst van argumenten:
 ; – aantal aansluitende stippen
 ; – lengte van een stip
 ; – aantal aansluitende streepjes
 ; – lengte van een streepje
 ; – afstand tussen stipjes/streepjes
 ; – type (optioneel):
 ; 0 = stipjes zijn rechthoekjes (standaard)
 ; 2 = stipjes zijn vierkantjes (lengtes en afstanden zijn gerelateerd aan de pengrootte)

PENSTIJL [3, 1mm, 2, 4mm, 2mm, 2] ; ...––...––...––

Opvul eigenschappen

OPVULKLEUR (ok)

OPVULKLEUR "blauw"; vult met de kleur blauw, zie ook PENKLEUR
OPVULKLEUR "onzichtbaar" CIRKEL 10; niet gevulde cirkel
OPVULKLEUR ["blauw", "rood"]; kleurovergang tussen rood en blauw
OPVULKLEUR [[255, 255, 255], [255, 128, 0]] ; tussen wit en oranje
OPVULKLEUR ["blauw", "rood",1, 0, 0]; stel de hoek van de kleurovergang in (met de gewenste rotatie en randen), mogelijke waarden zijn: 0-5 = lineair, axiaal, elliptisch, vierkant en rechthoekig
OPVULKLEUR [“rood”, “blauw”, 0, 90, 20] ; lineair met 20% rand, 90 graden gedraaid ten opzichte van de huidige richting van de schildpad
OPVULKLEUR [“rood”, 'blauw”, 0, 90, 20, 0, 0, 200, 50] ; van 200% tot 50% intensiteit
OPVULKLEUR [ELKE, ELKE, 2, 0, 0, 50, 50] ; radiale kleurovergang met random kleuren en 50-50% horizontale en verticale posities vanaf het centrum.

Vullingstransparantie

OPVULTRANSPARANTIE 80 ; stel de transparantie van de actuele opvulkleur in op 80%
OPVULTRANSPARANTIE [80] ; stel de lineaire transparantie van de kleurverloop in van 80% naar 0%
OPVULTRANSPARANTIE [80, 20] ; stel de lineaire transparantie van de kleurverloop in van 80% naar 20%
OPVULTRANSPARANTIE [80, 20, 1, 90] ; stel de axiale transparantie van de kleurverloop in, met 90 graden gedraaid ten opzichte van de actuele richting van de schildpad
OPVULTRANSPARANTIE [80, 20, 2, 0, 20, 50, 50] ; stel radiale transparantie van de kleurverloop in vanaf de buitenste 80% tot binnenste 20% transparantie met 20% rand en met 50-50% horizontale en verticale posities uit het centrum

VULLING

VULLING 0; vullen zonder arcering (standaard)
VULLING 1; zwarte enkele arcering (horizontaal)
VULLING 2; zwarte enkele arcering (45 graden)
VULLING 3; zwarte enkele arcering (-45 graden )
VULLING 4; zwarte enkele arcering (verticaal)
VULLING 5; rode gekruiste arcering (45 graden)
VULLING 6; rode gekruiste arcering (0 graden)
VULLING 7; blauwe gekruiste arcering (45 graden)
VULLING 8; blauwe gekruiste arcering (0 graden)
VULLING 9; blauwe driedubbele arcering
VULLING 10; zwarte brede enkele arcering (45 graden)

; gebruikergedefinieerde arcering gespecificeerd door een lijst met de volgende argumenten:
; - stijl (1 = enkele, 2 = dubbele, 3 = driedubbele, arcering )
; - kleur
; - afstand
; - mate
VULLING [2, "groen", 3pt, 15 °]; groene gekruiste arcering (15 graden)

Tekenopbjecten

CIRKEL

CIRKEL 100 ; teken een cirkelvorm (diameter = 100pt)

ELLIPS

ELLIPS [50, 100] ; teken een ellips met de diameters 50 en 100
ELLIPS [50, 100, 2h, 12h] ; teken een elliptische sector (van klokpositie 2 uur tot 12 uur)
ELLIPS [50, 100, 2h, 12h, 2]  ; teken een elliptisch segment
ELLIPS [50, 100, 2h, 12h, 3]  ; teken een elliptische boog

VIERKANT

VIERKANT 100 ; teken een vierkantsvorm (grootte= 100pt)

RECHTHOEK

RECHTHOEK [50, 100] ; teken een rechthoekige vorm (50×100pt)
RECHTHOEK [50, 100, 10] ; teken een rechthoek met afgeronde hoeken

PUNT

PUNT; teken een punt met de afmeting en kleur van de pen

SLUITEN kan de laatste punten verbinden, VULLEN kan de vorm sluiten die door punten is gedefinieerd. Bijvoorbeeld: het is eenvoudig om een "platte" ster te tekenen door vanuit het midden daarvan te beginnen:

PENOMHOOG
HERHAAL 5 [
VOORUIT 80
PUNT
TERUG 80
RECHTS 36
VOORUIT 50
PUNT
TERUG 50
RECHTS 120
] VULLEN

LABEL

LABEL "tekst"; afdrukken van tekst in de 'turtle-positie'
LABEL 'tekst', als hierboven
LABEL "tekst, als hierboven (alleen voor afzonderlijke woorden)

TEKST

CIRKEL 10 TEKST "tekst"; stelt de tekst van het tekenobject in

LETTERTYPE instellingen

LETTERKLEUR

LETTERKLEUR “groen” ; stel de letterkleur in

TEKSTFAMILIE

TEKSTFAMILIE “Linux Libertine G” ; stel lettertype (familie) in
TEKSTFAMILIE “Linux Libertine G:smcp=1” ; stel ook het tekstkenmerk (kleine letters) in
TEKSTFAMILIE “Linux Libertine G:smcp=1&onum=1” ; kleine letters + oude afbeeldingen

LETTERGROOTTE

LETTERGROOTTE12 ; stel in 12pt

LETTERDIKTE

LETTERDIKTE “vet” ; stel letteropmaak vet in
LETTERDIKTE “normaal” ; stel letteropmaak normaal in

TEKSTSTIJL

TEKSTSTIJL “cursief” ; instellen cursief
TEKSTSTIJL “normaal” ; instellen normaal

AFBEELDING (afb)

AFBEELDING is voor

  • vorm groepering;
  • nieuwe regelvormen starten;
  • SVG afbeeldingen en SVG/SMIL animaties opslaan;
  • de consistentie van posities en lijnvormen aan de linker rand behouden.

Vorm groepering

; AFBEELDING [ LibreLogo_opdrachten]
AFBEELDING [ VOORWAARTS 100 CIRKEL 100 ] ; boom-achtig gegroepeerde vorm

Bekijk ook “Groeperen” in LibreOffice Writer Help.

VOOR boom locatie
PENOMHOOG POSITIE locatie KOP 0 PENOMLAAG
AFBEELDING[ VOORUIT 100 CIRKEL 100 ] ; boom-achtige gegroepeerde vorm
EINDE

AFBEELDING [ boom [30, 50] boom [100, 50] ] ; gegroepeerde vormen in een gegroepeerde vorm

Nieuwe lijnvormen maken

AFBEELDING ; maak een nieuwe lijnvorm
VOORUIT 10 AFBEELDING VOORUIT 10 ; twee lijnvormen

SVG afbeeldingen opslaan

AFBEELDING “voorbeeld.svg” [ CIRCLE 5 ] ; sla de afbeelding op als een SVG image bestand op in de gebruikersfolder
AFBEELDING “bureaublad/voorbeeld.svg” [ VOORUIT 100 CIRKEL 5 ] ; zoals hierboven, met een relatief pad
AFBEELDING “/home/user/voorbeeld.svg” [ CIRKEL 5 ] ; absoluut pad voor Unix/Linux
AFBEELDING “C:\voorbeeld.svg” [ CIRCLE 5 ] ; absoluut pad voor Windows

SVG/SMIL animaties opslaan (Tekeningen met het commando SLAAP)

AFBEELDING “animatie.svg” [ CIRKEL 5 SLAAP 1000 CIRKEL 99 ] ; sla op als een SVG/SMIL animatie (zie ook SLAAP)
AFBEELDING “animatie2.svg” [ CIRKEL 5 SLAAP 1000 CIRKEL 99 SLAAP 2000 ] ; zoals hierboven, maar door gebruik van SLAAP 2000 na het laatste object zal in een lus resulteren: na 2 seconden herstart de SVG animatie in SMIL compatibele bladeraars

Consistentie bij de linker rand

Gebruik de afbeelding om de consistentie van posities en lijnvormen op de linker rand van Writer te houden:

AFBEELDING [ CIRKEL 20 POSITIE [-100, 100] CIRKEL 20 ]

Lussen

HERHAAL

; HERHAAL aantal [ opdrachten]

HERHAAL 10 [ VOORUIT 10 LINKS 45 CIRKEL 10 ] ; herhaal 10 keer

; aantal is optioneel

HERHAAL [ POSITIE ELKE] ; eindloze looping

KEERHERHAAL

Looping variabele (ook in de VOOR en ZOLANG loopings).

HERHAAL 100 [ VOORWAARTS KEERHERHAAL LINKS 90 ]

IN

Lus voor de lijstelementen:

ZOLANG i IN [1, 5, 7, 9, 11] [
VOORUIT i
LINKS 90
]

Looping voor de karakters van een tekenreeks:

ZOLANG i IN “tekst” [
LABEL i
VOORUIT 10
]

ZOLANG

ZOLANG WAAR [ POSITIE ELKE ] ; eindeloze lus
ZOLANG KEERHERHAAL <= 10 [ VOORUIT 50 LINKS 36 ] ; as HERHAAL 10 [ ... ]

AFBREKEN

Stop de lus

HERHAAL [ ; eindeloze lus
POSITIE ELKE
ALS KEERHERHAAL = 100 [ AFBREKEN]  ; equivalent van HERHAAL 100 [ ... ]
]

DOORGAAN

Spring in de volgende iteratie van de lus.

HERHAAL 100 [
POSITIE ELKE
ALS KEERHERHAAL % 2 <> 0 [ DOORGAAN]
CIRKEL 10 ; teken cirkels op elke 2de positie
]

Voorwaarden

OF

; ALS voorwaarde [ waar blok ]
 ; ALS voorwaarde [ waar blok ] [ onwaar blok ]

ALS a < 10 [ AFDRUKKEN “Klein” ]
ALS a < 10 [ AFDRUKKEN “Klein” ] [ AFDRUKKEN “Groot” ]

EN, OF, NIET

Logische operatoren

ALS a < 10 EN NIET a = 5 [ DRUK AF “0, 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8 of 9” ]
ALS a < 10 EN a != 5 [ DRUK AF “0, 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8 of 9” ] ; zoals hierboven

Subroutines

NAAR, EINDE

Nieuwe woorden (of procedure).

NAAR driehoek
HERHAAL [ VOORWAARTS 100 RECHTS 120 ] INVULLEN
EINDE

HERHAAL 10 [ driehoek PENOMHOOG POSITIE ELKE PENOMLAAG ]

UITVOER

Resultaatwaarde van de functie.

OM willekeurigteken
UITVOER WILLEKEURIG "qwertzuiopasdfghjklyxcvbnm"
EINDE

AFDRUKKEN willekeurigteken+ willekeurigteken+ willekeurigteken; afdrukken 3-tekens willekeurige tekenreeks

STOP

Keer terug uit de procedure.

TOT voorbeeld nummer
ALS getal < 0 [STOP]
AFDRUKKEN SQRT nummer; afdrukken vierkantswortel
]

bijvoorbeeld 100
bijvoorbeeld -1 ; zonder uitvoer en fout
voorbeeld 25

Standaard variabelen

ELKE

Standaard willekeurige waarde van kleuren e.d.

PENKLEUR ELKE; willekeurige penkleur

WAAR

Logische waarde.

ZOLANG WAAR [ POSITION ANY ] ; eindloze looping
AFDRUKKEN WAAR ; druk af waar

ONWAAR

Logische waarde.

ZOLANG NIET ONWAAR [ POSITIE ELKE ] ; eindloze lus
AFDRUKKEN ONWAAR ; afdrukken onwaar

PAGINAGROOTTE

AFDRUKKEN PAGINAGROOTTE ; afdrukken lijst van paginagroottes in punten, zoals [595.30, 841.89]

PI/π

AFDRUKKEN PI ; afdrukken 3.14159265359

Invoer/Uitvoer

AFDRUKKEN

AFDRUKKEN “tekst” ; afdrukken “tekst” in een dialoogvenster
AFDRUKKEN 5 + 10 ; afdrukken 15

INVOER

AFDRUKKEN INVOER “Invoerwaarde?” ; vraag en druk een tekenreeks in elk opvraagdialoogvenster af
AFDRUKKEN FLOAT (INVOER “Eerste nummer?”) + FLOAT (INVOER “Tweede nummer?”) ; simpele rekenmachine

SLAAP

SLAAP 1000: wacht 1000 ms (1 sec)

GLOBAAL

Stel de globale variabelen die in procedures worden gebruikt in.

GLOBAAL over
over= “LibreLogo”

TOT voorbeeld
AFDRUKKEN over
GLOBAAL over; wanneer we een nieuwe waarde willen toevoegen
over= “nieuwe waarde voor de globale variabele”
EINDE

voorbeeld
AFDRUKKEN over

Functies

WILLEKEURIG

WILLEKEURIG AFDRUKKEN 100 ; willekeurig drijvendekommagetal (0 <= x < 100)
WILLEKEURIG AFDRUKKEN “tekst” ; willekeurige letter uit de “tekst”
WILLEKEURIG AFDRUKKEN [1, 2] ; willekeurig lijstelement (1 of 2)

INT

AFDRUKKEN INT 3,8 ; afdrukken 3 (integer deel van 3,8)
AFDRUKKEN INT WILLEKEURIG 100 ; willekeurig integer getal (0 <= x < 100)
AFDRUKKEN INT “7” ; converteert de tekenreeks-parameter naar een heel getal

FLOAT

; converteert de tekenreeksparameter naar een drijvendekommagetal
AFDRUKKEN 2 * FLOAT “5,5” ; afdrukken 11,0

STR

; converteert de parameter aantal naar een tekenreeks
AFDRUKKEN “Resultaat: ” + STR 5 ; afdrukken “Resultaat: 5”
AFDRUKKEN 10 * STR 5 ; afdrukken 5555555555

SQRT (vierkantswortel)

AFDRUKKEN SQRT 100 ; afdrukken 10, vierkantswortel van 100

SIN

AFDRUKKEN SIN 90 * PI/180 ; afdrukken 1.0 (sinus van 90° in radialen)

COS

AFDRUKKEN COS 0 * PI/180 ; afdrukken 1.0 (cosinus van 0° in radialen)

LOG10

AFDRUKKEN LOG10 100 ; print 2.0 (gewone logarithme van 100)

RONDAF

AFDRUKKEN RONDAF 3.8 ; afdrukken 4 (afronding 3.8)
AFDRUKKEN RONDAF WILLEKEURIG 100 ; willekeurig geheel nummer (0 <= x <= 100)

ABS

AFDRUKKEN ABS -10 ; afdrukken 10, absolute waarde van -10

AANTAL

AFDRUKKEN AANTAL “tekst” ; afdrukken 4, karakteraantal van “tekst”
AFDRUKKEN AANTAL [1, 2, 3] ; afdrukken 3, grootte van de lijst

SET

; Converteert de lijst naar een Python-set
AFDRUKKEN SET [4, 5, 6, 6] ; afdrukken{4, 5, 6}
AFDRUKKEN SET [4, 5, 6, 6] | SET [4, 1, 9] ; afdrukken {1, 4, 5, 6, 9}, vereniging
AFDRUKKEN SET [4, 5, 6, 6] & SET[4, 1, 9] ; afdrukken {4}, doorsnede
AFDRUKKEN SET ([4, 5, 6, 6]) - SET [4, 1, 9] ; afdrukken {5, 6}, verschil
AFDRUKKEN SET [4, 5, 6, 6] ^ SET [4, 1, 9] ; afdrukken {1, 5, 6, 9}, symmetrisch verschil

BEREIK

; Maken van een Python-achtige lijst
AFDRUKKEN BEREIK 10 ; afdrukken [0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9]
AFDRUKKEN BEREIK 3 10 ; afdrukken [3, 4, 5, 6, 7, 8, 9]
AFDRUKKEN BEREIK 3 10 3 ; afdrukken [3, 6, 9]

ZOLANG i IN BEREIK 10 50 10 [ ; lus zolang [10, 20, 30, 40]
VOORUIT i
LINKS 90
]

LIJST

; verwijder de herhalende elementen uit een lijst gebruikmakend van instellingen en lijstconversies
AFDRUKKEN LIJST (STEL IN [1, 3, 5, 5, 2, 1]) ; afdrukken [1, 3, 5, 2]

TUPEL

Conversie naar Python tupel (niet-wijzigbare lijst)

AFDRUKKEN TUPEL [4, 5]

GESORTEERD

Het resultaat is een gesorteerde lijst.

AFDRUKKEN GESORTEERD [5, 1, 3, 4] ; afdrukken [1, 3, 4, 5]

SUB

Vervang tekenreeksen met regex (reguliere expressie) patronen.

AFDRUKKEN SUB (“t”, “T”, “tekst”) ; afdrukken “Tekst”, vervangt “t” door “T”
AFDRUKKEN SUB (“(.)”, “\\1\\1”, “tekst”) ; afdrukken “tteekksstt”, verdubbelt alle tekens

ZOEKEN

Zoek tekenreeks-patronen met behulp van regex patronen.

ALS ZOEKEN (“\w”, woord) [ AFDRUKKEN“Karakter in het woord.” ]

ALLES ZOEKEN

Zoek alle tekenreeksen in de invoertekenreeks die gelijk zijn aan het gegeven regex-patroon.

AFDRUKKEN ZOEKALLE(“\w+”, “Honden, katten.”) ; afdrukken [“Honden”, “katten”], de lijst van de woorden.

MIN

AFDRUKKEN MIN [1, 2, 3] ; afdrukken 1, het laagste element van de lijst

MAX

AFDRUKKEN MAX [1, 2, 3] Afdrukken 3, het grootste element van de lijst

Kleurconstanten

PENKLEUR “ZILVER” ; stelt in op naam
PENKLEUR [1] ; stelt in op aanwijzingen
PENKLEUR “~ZILVER” ; willekeurige kleur zilver

Aanwijzing Naam
0 ZWART
1 ZILVER
2 GRIJS
3 WIT
4 KASTANJEBRUIN
5 ROOD
6 PAARS
7 FUCHSIA/MAGENTA
8 GROEN
9 LIMOEN
10 OLIJFGROEN
11 GEEL
12 MARINEBLAUW
13 BLAUW
14 GROENBLAUW
15 WATER/CYAAN
16 ROOS/ROZE
17 TOMAAT
18 ORANJE
19 GOUD
20 VIOLET
21 HEMELSBLAUW
22 CHOCOLADEBRUIN
23 BRUIN
24 ONZICHTBAAR