Variabelen gebruiken

From LibreOffice Help
Jump to: navigation, search

Hieronder wordt het basisgebruik van variabelen in LibreOffice BASIC beschreven.

Naamgevingsconventies voor variabelen-ID's

Een variabelenaam mag maximaal 255 tekens bevatten. Het eerste teken van een variabelenaam moet een letter A-Z of a-z zijn. U kunt ook getallen in een variabelenaam gebruiken, maar leestekens en speciale tekens zijn niet toegestaan met uitzondering van het onderstrepingsteken ("_"). In LibreOffice BASIC zijn ID's van variabelen niet hoofdlettergevoelig. Er mogen spaties in variabelenamen staan, maar deze moeten dan wel tussen vierkante haakjes staan.

Voorbeelden van variabelen-ID's:

MijnGetal=5 Correct
MijnGetal5=15 Correct
MijnGetal_5=20 Correct
Mjin Getal=20 Ongeldig, variabele met spatie moet tussen vierkante haakjes staan
[Mijn Getal]=12 Correct
DéjàVu=25 Ongeldig, speciale tekens zijn niet toegestaan
5MijnGetal=12 Ongeldig, variabele mag niet met een getal beginnen
Getal,Mijn=12 Ongeldig, leestekens zijn niet toegestaan

Variabelen declareren

In LibreOffice BASIC hoeft u variabelen niet expliciet te declareren. Het declareren van variabelen kan met de instructie Dim uitgevoerd worden. U kunt meerdere variabelen tegelijk declareren door de namen met een komma te scheiden. Gebruik een type-aanduidingsteken na de naam, of het toepasselijke sleutelwoord om het type variabele te definiëren.

Voorbeelden van variabelendeclaraties:

DIM a$ Declareert de variabele "a" als een "String"
DIM a As String Declareert de variabele "a" als een "String"
DIM a$, b As Integer Declareert één variabele als 'String' en één als 'Integer'
DIM c As Boolean Declareert 'c' als een Booleaanse variabele die WAAR of ONWAAR kan zijn

Tijdens het declareren van variabelen is het uitermate belangrijk dat u telkens het type-aanduidingsteken gebruikt, zelfs als het in plaats van een sleutelwoord in de declaratie gebruikt werd. De volgende instructies zijn dus ongeldig:

DIM a$ Declareert "a" als "String"
a="TestString" Ontbrekend type-aanduidingsteken: "a$="
Warning.png Hebt u een variabele eenmaal als een bepaald type gedefinieerd, dan kunt u de variabele niet nogmaals met dezelfde naam als een ander type definiëren

Variabelendeclaraties afdwingen

Gebruik de volgende opdracht om declaratie van variabelen af te dwingen:

OPTION EXPLICIT

De instructie Option Explicit moet de eerste regel in de module zijn, vóór de eerste SUB. Meestal moeten alleen matrices expliciet gedeclareerd worden. Alle andere variabelen worden volgens het type-aanduidingsteken gedeclareerd of, indien weggelaten, als het standaardtype Single.

Typen variabelen

LibreOffice BASIC ondersteunt vier klassen variabelen:

  • Numerieke variabelen kunnen numerieke waarden bevatten. Sommige variabelen worden gebruikt om grote of kleine getallen op te slaan, en andere worden gebruikt voor drijvende-kommagetallen of breuken.
  • String-variabelen bevatten tekenreeksen.
  • Booleaanse variabelen bevatten de waarde WAAR of ONWAAR.
  • In Object-variabelen kunnen verschillende soorten objecten bewaard worden, zoals tabellen en documenten in een document.

Integer-variabelen

Integer-variabelen gaan van -32768 tot 32767. Als u een drijvende-kommawaarde aan een integere variabele toewijst, worden de decimalen naar het volgende gehele getal afgerond. Integer-variabelen worden snel in procedures berekend en zijn geschikt voor tellervariabelen in lussen. Een Integer-variabele vereist slechts 2 byte geheugen. "%" is het type-aanduidingsteken.

Dim Variabele%

Dim Variabele As Integer

Long Integer-variabelen

Long Integer-variabelen hebben een waarde van -2147483648 tot 2147483647. Als u een drijvende-kommawaarde aan een Long Integer-variabele toewijst, worden de decimalen naar het volgende gehele getal afgerond. Long Integer-variabelen worden snel in procedures berekend en zijn geschikt voor tellervariabelen in lussen voor grote waarden. Een Long Integer-variabele vereist 4 byte geheugen. Het type-aanduidingsteken is "&".

Dim Variabele&

Dim Variabele as Long

Decimale variabelen

Decimale variabelen kunnen positieve of negatieve getallen of nul zijn. De nauwkeurigheid gaat tot 29 cijfers.

U kunt plus- (+) of min- (-) tekens gebruiken als voorvoegsels voor decimale getallen (met of zonder spaties).

Als een decimaal getal is toegewezen aan een Integer-variabele, rondt LibreOffice Basic het getal naar boven of beneden af.

Single-variabelen

Single-variabelen kunnen positieve of negatieve waarden hebben van 3,402823 x 10E38 tot 1,401298 x 10E-45. Single-variabelen zijn variabelen met een drijvende komma, waarin de decimale precisie afneemt naarmate het niet-decimale gedeelte van het getal groter wordt. Single-variabelen zijn geschikt voor wiskundige berekeningen met gemiddelde nauwkeurigheid. Berekeningen vereisen meer tijd dan voor Integer-variabelen, maar zijn sneller dan berekeningen met Double-variabelen. Een Single-variabele vereist 4 byte geheugen. Het type-aanduidingsteken is "!".

Dim Variabele!

Dim Variabele as Single

Double-variabelen

Double-variabelen kunnen positieve of negatieve waarden hebben van 1,79769313486232 x 10E308 tot 4,94065645841247 x 10E-324. Double-variabelen zijn variabelen met een drijvende komma, waarin de decimale precisie afneemt naarmate het niet-decimale gedeelte van het getal groter wordt. Double-variabelen zijn geschikt voor nauwkeurige berekeningen. Berekeningen vereisen meer tijd dan bij Single-variabelen. Een Double-variabele vereist 8 byte geheugen. Het type-aanduidingsteken is "#".

Dim Variabele#

Dim Variabele As Double

Valutavariabelen

Valutavariabelen worden intern opgeslagen als 64bits-getallen (8 byte) en weergegeven als een getal met een vast aantal plaatsen achter de komma (15 niet-decimale en 4 decimale plaatsen). De waarden gaan van -922337203685477,5808 tot +922337203685477,5807. Valutavariabelen worden gebruikt om valutawaarden uiterst nauwkeurig te berekenen. Het type-aanduidingsteken is "@".

Dim Variabele@

Dim Variabele As Currency

String-variabelen

String-variabelen kunnen tekenreeksen met tot 65.535 tekens bevatten. Elk teken wordt als de overeenkomstige Unicode-waarde opgeslagen. String-variabelen zijn geschikt voor tekstverwerking binnen programma's en tijdelijke opslag van alle niet-afdrukbare tekens tot een maximumlengte van 64 Kbytes. De hoeveelheid geheugen die vereist is voor het opslaan van String-variabelen is afhankelijk van het aantal tekens in de variabele. Het type-aanduidingsteken is "$".

Dim Variabele$

Dim Variabele As String

Booleaanse variabelen

Booleaanse variabelen slaan slechts één van twee waarden op: WAAR of ONWAAR. Het getal 0 levert ONWAAR op, terwijl alle andere waarden WAAR opleveren.

Dim Variabele As Boolean

Datumvariabelen

Datumvariabelen kunnen enkel datums en tijdwaarden bevatten die in een interne notatie opgeslagen zijn. Waarden die met Dateserial, Datevalue, Timeserial of Timevalue aan datumvariabelen zijn toegewezen, worden automatisch naar de interne notatie geconverteerd. Datumvariabelen worden naar normale getallen geconverteerd met behulp van de functie Day, Month, Year of Hour, Minute, Second. Via de interne notatie kunnen datum-/tijdwaarden vergeleken worden door het verschil tussen twee getallen te berekenen. Deze variabelen kunnen alleen met het sleutelwoord Date gedeclareerd worden.

Dim Variabele As Date

Beginwaarden van variabelen

Zo gauw de variabele gedeclareerd is, wordt deze automatisch op de waarde "Null" ingesteld. Neem de volgende conventies in acht:

Numerieke variabelen wordt automatisch de waarde "0" toegewezen zodra ze gedefinieerd zijn.

Datumvariabelen wordt intern de waarde 0 toegewezen; equivalent aan het converteren van de waarde "0" met de functie Day, Month, Year of Hour, Minute, Second.

Tekenreeksvariabelen wordt een lege tekenreeks ("") toegewezen wanneer ze gedeclareerd worden.

Matrices

LibreOffice BASIC kent arrays met één of meerdere dimensies, gedefinieerd door een gespecificeerd type variabele. Arrays zijn geschikt voor het bewerken van lijsten en tabellen in programma's. Afzonderlijke elementen van een array kunnen via een numerieke index geadresseerd worden.

Matrices moeten gedeclareerd worden met de Dim-instructie. Het indexbereik van een matrix kan op verschillende manieren gedefinieerd worden.

DIM tekst$(20) 21 elementen genummerd van 0 tot en met 20
DIM tekst$(5,4) 30 elementen (een matrix van 6 x 5 elementen)
DIM tekst$(5 to 25) 21 elementen genummerd van 5 tot en met 25
DIM tekst$(-15 to 5) 21 elementen (inclusief 0), genummerd van -15 tot en met 5

Het indexbereik kan positieve en negatieve getallen bevatten.

Constanten

Constanten hebben een vaste waarde. Ze worden maar één keer in het programma gedefinieerd en kunnen later niet opnieuw gedefinieerd worden:

CONST ConstNaam=Expressie